5 juli 2020

De derde Engelse zeeoorlog van 1672-1674 was onderdeel van een groot invasieplan van het Nederlandse grondgebied. Het zeegebied werd gedomineerd door een coalitie van de Engelse en Franse vloot. Deze patrouilleerden regelmatig langs het kustgebied en in het bijzonder in de omgeving van Den Helder en de Rede van Texel, met het Marsdiep als toegangspoort. Het hoogtepunt van deze zeeoorlog was de slag bij Kijkduin in 1674. Een geweldige zeeslag met veel verliezers die zich afspeelde in het zeegebied tussen de Zuiderhaaks en Huisduinen. Vanaf het strand van Huisduinen werd de zeeslag gevolgd door honderden mensen. Het raadsel van de dubbele ebbe is kleine wonderlijke gebeurtenis die zich ergen in het zeegebied van de gevaarlijke zandgronden heeft afgespeeld. Het voorval is omstreden, zou het een legende zijn geweest van vissers uit Texel en Den Helder. Zelfs het jaartal wordt betwist. De meeste schrijvers plaatsen het voorval in 1672 anderen een jaar later. Maar hoe dan ook, het voorval  – een wonder Gods volgens de Hollandse Mercurius – is te mooi om te laten liggen. Het rampjaar 1672 was vol met Engelse bedreigingen aan de kustwateren. De Jonge die zelf niet in het wonder van de dubbele ebbe gelooft, beschrijft de geschiedenis in zijn Geschiedenis van het Nederlandsche Zeewezen (1837). In de morgen van 18 juli 1672 kwam de Engelse vloot zeer dicht bij de kust van Texel. Ze zeilden tot dicht op de gronden en door het Landsdiep en het Slenk. Deze dreiging hield enkele dagen aan en er werden al enkele kleine vaartuigen uitgezet om de gesteldheid van het water en het land te meten als voorbereiding op de invasie. Op dat moment, volgens De Jonge, verleende de Goddelijke Voorzienigheid hulp aan het veege Vaderland. Het ebgetij bracht hulp. Dit ebgetijd, of deze ebbe, duurde nu geen 12 uur maar het dubbele. Het maakte de Engelse zeemacht het onmogelijk om de invasie uit te voeren en bovendien werd deze dubbele ebbe opgevolgd door stormweer die drie weken duurde en de vloot van de vijand verstrooide. De bekende historicus en staatsman Groen van Prinsterer was terughoudend in het onderkennen van Gods hand in deze geschiedenis. Dit neemt niet weg dat het wonder van de dubbele ebbe nog steeds in de geschiedenis verhalen een plaats inneemt.